Gescheiden ouders: hoe gaat school hiermee om?

Geplaatst op vrijdag 2 augustus 2019

Elke school krijgt wel te maken met gescheiden ouders van leerlingen. Een scheiding is een ingrijpende gebeurtenis voor de betrokken ouders en hun kind(eren) en kan ook impact hebben op de school. Onze school handelt volgens de wettelijke voorschriften. Heeft u aanvullende vragen over dit onderwerp, richt u zicht dan tot de directeur van school.

Ouderlijk gezag

Indien beide ouders belast zijn met het ouderlijk gezag, zijn zij gezamenlijk verantwoordelijk voor de opvoeding van hun kind(eren) en moeten zij samen de beslissingen nemen aangaande de opvoeding. Indien slechts een van de beide het ouderlijk gezag heeft, is de met het gezag belaste ouder verantwoordelijk voor beslissingen over het kind.

In- en uitschrijving

De inschrijving (of uitschrijving) van een kind op school is een belangrijke beslissing in de opvoeding. Ouders die gezamenlijk het gezag dragen over het kind, moeten samen overeenstemming over de inschrijving bereiken. Als de school weet of vermoedt dat de inschrijving wordt gedaan door een gescheiden ouder, doet de school er goed aan te onderzoeken of de andere ouder het eens is met de inschrijving. Indien de school weet of behoort te weten dat de andere met het gezag belaste ouder niet op de hoogte is van deze inschrijving of het daar niet mee eens is, mag het bevoegd gezag de inschrijving niet accepteren. De ouder moet dan eerst zorgen voor (vervangende) instemming van de andere ouder om de leerling in of uit te kunnen schrijven.

Indien slechts een van de ouders is belast met het ouderlijke gezag, kan het bevoegd gezag volstaan met de handtekening van de ouder die belast is met het gezag. Het bevoegd gezag kan de inschrijving van de leerling in dit geval ook accepteren als de ouder zonder gezag niet instemt met de inschrijving.

Informatieverstrekking

De wet op het primair onderwijs bepaalt dat scholen aan ouders moeten rapporteren over de voortgang van de leerling. Dit moet worden gezien als een actieve informatieplicht. Scholen moeten dus zelf het initiatief nemen. In de gevallen waarin beide ouders het gezag hebben, mag de school er in beginsel op vertrouwen dat indien een van hen als contactpersoon fungeert, deze ouder de andere informeert over de voortgang van het kind. In een situatie waarin slechts één ouder belast is met het ouderlijk gezag dan kan de school volstaan met informatievoorziening aan die ene ouder.  De ouder met ouderlijk gezag dient dit met een bewijsstuk aan te tonen.

Informatie over voortgang van leerling

Indien een ouder zonder gezag daarom verzoekt, moet de school informatie verstrekken over de voortgang van het kind. De ouder zonder gezag heeft recht op informatie inzake belangrijke feiten en omstandigheden die de persoon van het kind of diens verzorging en opvoeding betreffen. Hierbij kan gedacht worden aan informatie over de cognitieve en/of sociaal-emotionele ontwikkeling van het kind zoals leerprestaties (schoolrapport). De school is niet verplicht om een rapportgesprek te voeren met de ouder die niet met het gezag is belast. De school kan dan volstaan met het toezenden van het rapport en een eventuele toelichting. Vraagt een ouder zonder gezag informatie op bij de school, dan dient de school de met het gezag belaste ouder hierover te informeren.